
|
|
 |
Niamey, 7 augustus 2001
We komen op vrijdag aan in Niamey in de volste
overtuiging even een visum voor Burkina Faso te gaan
regelen. Tot nu toe is dit een fluitje van een cent
gebleken en we verwachten ook of misschien wel zeker
in Niger geen problemen.
Een kleine miscalculatie in de planning heeft ons
uitgerekend op Onafhankelijkheidsdag in Niamey doen
belanden. Het is hier net Nederland, iedereen werkt
normaal en onverstoorbaar verder, enkel de ambtenaren
(dit maal de Franse want zij geven ook de visa voor
Burkina Faso uit) hebben één van hun vele vrije dagen.
Verder is er eigenlijk de hele dag niets te doen, geen
feesten, optochten of manifestaties. Het hoogtepunt
van de dag zal de verkiezing van de eerste Miss
Independence zijn. De vrouw van de president zal de
eregast zijn en de mooiste dames gaan strijden om de
eer. Tussen de rondes verzorgen bekende namen (de
crème de la crème van de lokale muziekscène) voor de
muzikale omlijsting van het geheel.
Doordat we toch tot maandag in Niamey zullen moeten
wachten op onze visa hebben we een weekend vrij. We
besluiten het grandioze gala dan ook niet aan onze
neus voorbij te laten gaan. Het spektakel zal rond
20.00 uur zijn aanvang hebben en een eindtijd wordt
niet vermeld. Volgens goed Afrikaanse gebruik
arriveren Ron en ik, voor de gelegenheid gekleed in
Africa-smoking, om 21.00 uur bij het Palais des
Concours. Volgens beter Afrikaans gebruik zijn de
overige gasten nog in geen velden of wegen te
bekennen. Dan maar iets drinken in het centrum.
Rond 22.00 uur verschijnen wij andermaal bij het Palais. Het
loopt al aardig vol maar van enig begin kan nog geen
sprake zijn. Bang om straks geen plaats meer te hebben
gaan Ron en ik vast zitten. Het centrum is een groot,
nieuw gebouw met een modern interieur. De rode loper
ligt uit en de bewaking is scherp, tenminste als je
niet blank bent. Als je wel blank bent loop je gewoon
door en worden alle deuren voor je opengehouden, je
bent vast een gast van de vrouw van de president. De
zaal is niet groot, de zaal is enorm. Er kunnen
ongeveer 5000 mensen in en de stoelen zijn gewoon
comfortabel te noemen. Dit wordt genieten met een
hoofdletter G.
Rond 23.00 uur komt er dan ook daadwerkelijk iemand het
podium op: 'Niamey, ça va?' De zaal is ondertussen
lekker volgelopen en de 300 man publiek zijn verspreid
gaan zitten, dit voor wat extra sfeer. De eerste
uitroep blijkt ook de laatste spontane kreet voor die
avond te zijn want de rest van de openingsspeech wordt
van een blaadje voorgelezen. Ondertussen blijven de
mensen binnenstromen. Het drama dat zich vervolgens
voor onze ogen voltrekt is werkelijk met geen pen te
beschrijven. Het ergste is nog wel dat dit wel is
gebeurd want het gaat allemaal volgens het draaiboek.
Ik ga een kleine poging doen om iets van deze kleine
ramp over te brengen.
In de, echt chique, zaal blijven uit
veiligheidsoverwegingen alle lampen aan. Naast de
vrouw van de president staat een bataljon bewakers met
indrukwekkende geweren, we vragen ons echter af of ze
weten hoe ze die moeten gebruiken (de
gebruiksaanwijzing hebben ze in ieder geval niet
kunnen lezen). Wanneer de vrouw van de president naar
voren komt voor haar imposante speech wordt zij, tot
op het podium vergezeld door twee van deze mannen met
hun uzi’s in de aanslag. Ze pakt zelfverzekerd de
microfoon, zoekt in haar tasje naar de speech, trekt
wit weg rond de neus, stamelt 'Bon soir et merci' en
begint onder luid applaus aan haar triomftocht terug
naar haar zetel.
De zaal is ondertussen gevuld met
1000 man die gedurende het hele programma blijven
binnenkomen, weggaan, rondlopen en kletsen. De
muzikanten zijn een paar tieners van de straat die in
wisselende bezetting rapsongs ten gehore brengen. De
Missen, nadat drie keer het programma is omgegooid
omdat ze niet klaar zijn, zijn duidelijk minder mooi
(het gaat natuurlijk om de intelligentie) dan de
vrouwen om ons heen in de zaal. Er zijn drie jurken
die door alle 10 de dames worden gedeeld. Er wordt
nauwelijks geapplaudisseerd en de presentatie zou Ron,
in het Frans, nog beter kunnen (hebben we samen
besloten). Het is één grote grap. Het hoogtepunt voor
ons vormt een rapper die bij iedere imposante move
zijn blote achterwerk aan de zaal en in het bijzonder
aan de vrouw van de president, toont omdat hij geen
bijpassende riem voor zijn trendy, maar iets te grote,
hiphop-broek heeft kunnen vinden. Je moet op het
hoogtepunt stoppen, na dit optreden verlaten wij de
zaal. De Miss Independence 2001 moeten wij u dan ook
schuldig blijven.
Om alle opgedane indrukken te verwerken besluiten Ron
en ik op zaterdag eens lekker de natuur in te trekken.
Op de weg naar Niamey hadden wij een bordje 'Pas op,
overstekende giraffen' zien staan. We konden de auto
maar nauwelijks op de weghouden door de lachaanval die
dit opwekte. We doen het af met de 'running gag' van
de afgelopen maanden: 'Voor de staatsgreep zeker'.
Wanneer we echter horen dat er in de buurt van Niamey
de laatste wilde giraffen van de Sahel rond lopen,
worden we toch nieuwsgierig. Op weg er naar toe
blijken we niet de enige te zijn die het zekere voor
het onzekere nemen en toch even gaan kijken. Bij het
bord houden zich in het weekend officiële gidsen op.
Zij verzekeren ons dat ze er wel degelijk zijn maar
uiteraard onvindbaar. Dit tenzij we natuurlijk één van
hen willen inhuren.
Onder het motto: 'alles voor een
giraf', tasten we diep in de buidel. Na lang
onderhandelen blijkt er, omgerekend, ruim anderhalve
gulden op tafel te moeten worden gelegd om ons van de
diensten van de gids te kunnen verzekeren. We
verwachten dan ook alles, maar geen wilde giraffen.
We gaan op pad, de gids op het dak geeft met een stok
aanwijzingen. Een kleine 10 minuten later komen we
twee andere Land Rovers tegen met gidsen op het dak.
We horen wat geschreeuw over en weer en zien wat wilde
gebaren. We krijgen hoop.
Nog een kwartiertje later zien we aan onze linkerkant
een uitkijktoren. Deze toren zorgt ervoor dat we de
eerste giraf reeds aan onze rechterkant zijn
gepasseerd voordat de gids ons tot stoppen maant. We
stappen uit en staan midden in een groepje giraffen.
Super gaaf, ze zijn iets kleiner dan ik me had
voorgesteld maar veel mooier en veel eleganter. We
lopen tussen wat bosjes door en bevinden ons ineens
midden in een kudde van rond de 40 (volgens onze gids)
dieren. Nu zien we ook het verschil, de eerste die we
zagen waren jonge wijfjes. De 'man in the house' is
enorm en volgt ons oplettend. Toch straalt hij geen
gevaar uit, het lijken super vriendelijke beesten en
volgens de gids zijn het dat ook. We zien de hele
familie, papa, mama’s (zelfs de giraffen zijn hier
blijkbaar moslim) en kiddo’s. Niet echt het prototype
baby, deze jonge giraffen. Reeds bij de geboorte goed
voor 1.45 meter, de gemiddelde pygmee haalt dit zijn
hele leven niet. Het is echt super gaaf en ik ben blij
dat ook ik nu de giraf kan toevoegen aan het lijstje
van geziene dieren.
Na deze wandeling hebben we toch wat dorst gekregen.
Dit lijkt geen probleem want in de buurt moet een leuk
hotelletje zijn waar de, in Niamey wonende, expats
zich in het weekend ophouden. Uiteraard is dit te
chique voor ons maar een colaatje moet toch kunnen. We
zoeken tweeëneenhalf uur, vragen het iedereen die we
tegenkomen, double checken alles nog eens en moeten
dan echt onze toevlucht zoeken tot het eerder
gememoreerde 'voor de staatsgreep zeker'. Het hotel is
van deze aardkloot verdwenen. Onverrichter zake keren
wij huiswaarts.
We maken het goed in een leuk barretje in Niamey. We
drinken een cola, spelen een spelletje pool, verslaan
en passant twee Fransen met tafelvoetbal en bestellen
vervolgens een bittergarnituur. 'Een wat?', twee
vragende ogen kijken ons aan, 'Bieterkarnit…????',
hebben ze niet. Dat wordt een goedkope avond. Thuis
blijkt het een hele goedkope avond. Ron vraagt aan mij
wat ik heb betaald, ik antwoord 'Jij had toch
betaald?', niet dus. Geheel onbewust hebben wij het
etablissement zonder te betalen verlaten. Uiteraard
zijn we de volgende morgen, met het schaamrood op onze
kaken, terug gegaan naar de bar om onze schulden in te
lossen.
[vorig verslag] [volgend verslag]
|
 |
|


|